Artikel 25-overleg: samen vooruit in een intensieve periode

CMC en SG in gesprek over inhoud, samenwerking en de opgaven voor Defensie

Op 4 februari jl. vond het tweejaarlijkse Artikel 25-overleg plaats tussen de Secretaris-Generaal (SG) en de Centrale Medezeggenschapscommissie (CMC). Dit overleg is een vast en belangrijk onderdeel van de overlegstructuur binnen Defensie. In het Artikel 25-overleg wordt niet alleen teruggekeken op de inhoudelijke opgaven en resultaten van het afgelopen jaar, maar wordt ook stilgestaan bij de samenwerking tussen bestuurder en medezeggenschap. Daarnaast wordt gezamenlijk vooruitgekeken: welke ontwikkelingen komen op Defensie af en wat vraagt dat van de organisatie én van de medezeggenschap?

Tijdens het overleg werd teruggekeken op een intensief jaar waarin op meerdere dossiers tegelijkertijd stappen zijn gezet. Zo is onder andere gewerkt aan de herziening van de SG-aanwijzingen en kwamen onderwerpen als de BRD, het zorgaanbiederschap, leefstijlcoaches en de arbeidsmarkttoelage aan bod. Zowel SG als CMC constateerden dat daarin gaandeweg een gezamenlijke koers is ontstaan, met meer samenhang en duidelijkheid. Daarnaast werd gesproken over de ingrijpende veranderingen waar Defensie voor staat, onder meer op het gebied van personeel, vastgoed, veiligheid en industrie, en wat dit vraagt van de organisatie en de samenwerking tussen bestuur en medezeggenschap.

Samenwerking: gegroeid en bewuster ingericht

Ook vanuit de CMC werd positief teruggeblikt op de samenwerking. In het afgelopen jaar zijn onder meer een convenant en een faciliteitenregeling gesloten en is de betrokkenheid van de CMC bij verschillende overleggen toegenomen. Dit heeft bijgedragen aan meer overzicht en betere ‘situational awareness’: de CMC heeft scherper zicht op wat er speelt en kan ontwikkelingen beter duiden in relatie tot signalen van de werkvloer. Daarnaast werd stilgestaan bij het 15-jarig lustrum van de CMC. Het jubileum onderstreepte de toegevoegde waarde van medezeggenschap op alle lagen van de organisatie, juist in een fase waarin Defensie sneller moet kunnen handelen en anders moet organiseren.

Urgentie en versnelling: draagvlak als randvoorwaarde

De SG benadrukte daarbij dat de toenemende urgentie en noodzaak tot versnellen vraagt om een manier van werken waarin samenwerking en draagvlak centraal staan.

Secretaris-Generaal Maarten Schurink: “De urgentie en de noodzaak tot versnellen nemen toe. Dat vraagt om vertrouwen, gedeelde verantwoordelijkheid en draagvlak. Die versnelling kun je niet over de organisatie uitrollen; die moet door de organisatie worden gedragen. Juist daarom is het belangrijk om de medezeggenschap te betrekken en signalen van de werkvloer mee te nemen.”

Tegelijkertijd werd duidelijk dat verdere versterking van de rol van de medezeggenschap nodig blijft. Met name de vraag waar en wanneer de CMC aan tafel zit en op welk niveau dat het meeste effect heeft, vraagt aandacht.

Voorzitter CMC, Dorine Bakker: “Onze opgave is om scherp te blijven op waar medezeggenschap het verschil kan maken. Door bewuste keuzes te maken in de dossiers waarop wij inzetten, vanuit onze verantwoordelijkheid voor bedrijfsvoering, veiligheid, gezondheid en welzijn van het personeel, kunnen we eerder bijdragen aan besluiten en beter recht doen aan wat er op de werkvloer leeft.”

Vooruitblik: planmatig werken

Voor de komende periode is afgesproken om planmatiger te werken: met een duidelijke jaarplanning, thematische werkgroepen en meer helderheid over het verloop van adviestrajecten. Voor de organisatie betekent dit dat beter zichtbaar wordt waar de CMC op inzet, waarom bepaalde keuzes worden gemaakt en hoe medezeggenschap wordt ingevuld.

Het Artikel 25-overleg onderstreept daarmee het gezamenlijke belang: werken aan een wendbare organisatie, met een medezeggenschap die tijdig, inhoudelijk en herkenbaar betrokken is.

Word lid van een CMC-werkgroep en versterk medezeggenschap bij Defensie

Defensie is volop in beweging: van modernisering van personeelsbeleid tot vernieuwing van systemen en processen en het verbeteren van ketens zoals IT, personeel en financiën. Juist in deze periode is praktische expertise nodig om beleid uitvoerbaar, zorgvuldig en toekomstbestendig te maken. Wil jij vanuit jouw expertise bijdragen aan Defensiebrede beleidsvorming? Meld je dan aan voor een van de CMC-werkgroepen.

In een werkgroep van de CMC-Defensie denk je mee in een vroeg stadium over beleid en voorgenomen maatregelen. Je brengt praktijkkennis en deskundigheid in, weegt belangen vanuit een Defensiebreed perspectief en helpt om adviezen goed onderbouwd te formuleren.

De Centrale Medezeggenschapscommissie Defensie (CMC) behartigt Defensiebreed de belangen van personeel én organisatie op het gebied van bedrijfsvoering, veiligheid en welzijn. De CMC werkt met inhoudelijke werkgroepen die haar ondersteunen en adviseren over thema’s die medewerkers raken en die Defensiebreed spelen.

Wat doet een CMC-werkgroep?

Een werkgroep van de CMC Defensie:

  • ondersteunt en adviseert de CMC (gevraagd en ongevraagd);
  • bespreekt dossiers inhoudelijk en bereidt standpunten voor;
  • voert vooroverleg met beleidsverantwoordelijken;
  • levert input voor adviezen van de CMC en brengt relevante ontwikkelingen in beeld.

Wat kun je verwachten?

  • Overlegfrequentie: gemiddeld eens per 4 tot 6 weken (kan per werkgroep verschillen).
  • Werkvorm: combinatie van overleg, dossierlezing en voorbereiding in afstemming met de werkgroep.
  • Tijd: deelname en werkzaamheden vinden plaats tijdens werktijd.
  • Samenwerking met experts uit verschillende defensieonderdelen.

Voor welke CMC-werkgroepen zoeken we leden?

Er is ruimte voor nieuwe leden bij de volgende CMC-werkgroepen:

Aanmelden

Wil jij bijdragen aan Defensiebrede medezeggenschap? Meld je dan aan voor een CMC-werkgroep. Stuur vóór 1 april 2026 je aanmelding naar cmc@mindef.nl, met:

  • je naam, functie en defensieonderdeel;
  • voor welke werkgroep je belangstelling hebt;
  • een korte toelichting op je expertise en motivatie.

Bij meer aanmeldingen dan beschikbare plaatsen kan selectie plaatsvinden op basis van expertise en evenwichtige vertegenwoordiging.

Werk aan reorganisaties slimmer en zorgvuldiger met RPA

Tijdens de commissievergadering op 17 december 2025, liet Stephan Weijman, Product Owner Robotic Process Automation (RPA) bij de Koninklijke Luchtmacht de CMC zien hoe automatisering kan bijdragen aan het zorgvuldiger en efficiënter doorlopen van reorganisatietrajecten binnen Defensie. Niet de techniek stond daarbij centraal, maar de vraag hoe RPA ondersteunend kan zijn aan mensen en processen.

RPA staat voor Robotic Process Automation: een ‘virtuele medewerker’ die de handelingen nabootst die mensen uitvoeren tijdens het gebruik van software. Deze virtuele medewerkers werken in dezelfde systemen als medewerkers zelf, zoals MULAN. Ze nemen routinematig werk uit handen en doen dat op een voorspelbare en transparante manier. Daarmee vormen zij geen vervanging van mensen, maar een ondersteuning in administratieve processen.

Binnen Defensie worden RPA-oplossingen niet los van de praktijk ontwikkeld. Processen worden eerst samen met inhoudelijke experts stap voor stap doorlopen. Daarbij wordt gekeken wat er gebeurt, waarom stappen zo zijn ingericht en waar risico’s op fouten of vertraging ontstaan. Pas daarna wordt beoordeeld of automatisering een passende en verantwoorde stap is.

“We automatiseren niet omdat het kan, maar omdat het helpt om processen zuiverder, sneller en beter beheersbaar te maken. De inhoudelijke beoordeling blijft altijd mensenwerk,” aldus Stephan Weijman.

Waar kan RPA waarde toevoegen?

Reorganisatietrajecten volgens de richtlijnen van de URD (Uitvoering Reorganisatie Defensie) vragen om grote zorgvuldigheid, maar drukken tegelijkertijd zwaar op doorlooptijd en capaciteit. Handmatig werk vergroot de kans op fouten en kost veel tijd. Juist daar kan RPA waarde toevoegen. Door routinematige controles te automatiseren, wordt de foutmarge kleiner en wordt voorkomen dat documenten waar fouten in staan, verder het proces in gaan.

Een concreet voorbeeld is de controle van functievergelijkingstabellen. Waar deze controles normaal veel tijd kosten, kan een robot binnen korte tijd afwijkingen signaleren, waarna medewerkers de uitkomsten beoordelen en waar nodig corrigeren. Zo wordt vertraging in een later stadium voorkomen.

De inzet van RPA verschilt per fase van het reorganisatietraject. In de voorbereidingsfase ligt de nadruk op het controleren van gegevens en tabellen. In de implementatiefase kan RPA het informeren van medewerkers over hun transitiecode en het indelingsadvies uitvoeren, het publiceren de interne vacatures en het voorbereiden van selectiematrices. In alle gevallen geldt dat de robot enkel uitvoert wat de medewerker aangeeft, deze blijft ook verantwoordelijk.

Het belang van defensiebrede samenwerking

Weijman benadrukte daarnaast het belang van defensiebrede samenwerking. Elk defensieonderdeel heeft haar eigen RPA-team en kan zelf RPA-oplossingen bouwen en beheren. RPA-oplossingen die bij één onderdeel worden ontwikkeld, zijn vaak ook toepasbaar bij andere onderdelen. Door kennis en ervaringen te delen, kan Defensie uniformer werken en onnodig dubbel werk voorkomen. Dit borgen de RPA-teams middels de RPA-community.

Aandacht voor de menselijke maat

Voor de CMC is de inzet van RPA meer dan een technische ontwikkeling. De commissie ziet kansen om reorganisaties zorgvuldiger en beheersbaarder te laten verlopen, maar benadrukt het belang van duidelijke kaders en blijvende aandacht voor de menselijke maat. Voor medewerkers moet inzichtelijk zijn welke controles door een robot worden uitgevoerd en waar menselijke beoordeling en besluitvorming plaatsvinden.

“Automatisering kan bijdragen aan betere processen, mits deze transparant is ingericht en zorgvuldig wordt ingebed. Voor de CMC blijft de menselijke maat leidend.”

Daarnaast houdt de CMC aandacht voor de effecten van RPA op werk en werkdruk. Automatisering moet daadwerkelijk bijdragen aan vermindering van administratieve lasten, zonder ongewenste gevolgen voor medewerkers.

Defensie werkt aan snelle invoering Arbeidsmarkttoelage

Tijdens de overlegvergadering van 10 december 2025 spraken de Centrale Medezeggenschapscommissie (CMC) en de secretaris-generaal Maarten Schurink wederom over de invoering van de Arbeidsmarkttoelage (AMT). De CMC wees daarbij op het belang van een tijdige én duidelijke invoering van de regeling voor alle defensiemedewerkers. De commissie benadrukte dat medewerkers al langere tijd uitkijken naar helderheid hierover.

De AMT is bedoeld om schaarste op de arbeidsmarkt of binnen Defensie te kunnen signaleren en dit op een eenduidige manier te vertalen naar een passende toelage. De AMT moet als volwaardig alternatief voor de huidige categorale bindingspremies gaan fungeren. Eerder dit jaar, op 25 september 2025, gaf Esther Poldner-de Vries de CMC een toelichting op de kaders die aan de AMT ten grondslag liggen. Via één objectief toetsingskader wordt beoordeeld of er sprake is van schaarste, welke maatregelen al zijn getroffen om die schaarste te verminderen en wat de impact daarvan is op de operationele gereedheid. De totaalscore bepaalt vervolgens in welke AMT-categorie een functie of functiegroep terechtkomt, met een bijbehorend toelagepercentage. Zo wordt gewerkt aan rechtsgelijkheid en transparantie.

Invoering van de AMT

Schurink onderschreef tijdens de vergadering het belang van duidelijkheid en gaf aan dat Defensie toewerkt naar een concreet tijdpad. Dit gebeurt parallel aan de gesprekken met defensieonderdelen, sociale partners en bonden. Ambitie hierbij is om de AMT eerder te kunnen invoeren dan 2027, zoals in eerdere communicatie als realistisch scenario werd genoemd.

Schurink: “We streven ernaar om dit in de eerste maanden van 2026 voor elkaar te krijgen. Daar zetten we echt op in, samen met jullie en de bonden.” Volgens hem is versnelling gewenst: “Het heeft haast. De toezegging is gedaan, medewerkers kijken hiernaar uit. Daarom willen we dat dit niet in 2027, maar eerder vorm krijgt.”

Modernisering personeelsbeleid

Zodra er meer duidelijkheid is over de indeling van functies, de categorieën en de bijbehorende percentages, wordt dit breed gecommuniceerd binnen de organisatie. Met de arbeidsmarkttoelage zet Defensie een volgende stap in de modernisering van het personeelsbeleid. De CMC blijft hierbij actief aangehaakt, met blijvende aandacht voor een zorgvuldige en uitvoerbare invoering.

Dorine Bakker nieuwe voorzitter van de Centrale Medezeggenschapscommissie Defensie (CMC)

Met ingang van 9 december 2025 is Dorine Bakker MSc benoemd tot voorzitter van de Centrale Medezeggenschapscommissie Defensie (CMC). Zij volgt daarmee kolonel-arts Michiel Bussink MSc MBA op, die de afgelopen twee jaar het CMC voorzitterschap heeft ingevuld.

Dorine is al langere tijd actief op alle lagen van medezeggenschap binnen Defensie. Zij combineerde dit met haar functie als Hoofd Onderwijs & Vorming bij de Nederlandse Defensie Academie (NLDA). Vanuit haar achtergrond, onder meer als universitair docent Organisatiekunde & Management brengt zij een brede blik op organisatieontwikkeling, leiderschap en medewerkersbetrokkenheid mee.

Het is een eer om op dit niveau onze mensen te mogen vertegenwoordigen.”

Dorine Bakker

Dorine staat bekend om haar verbindende stijl. Zij wil zorgen dat de stem van de mensen bij Defensie op álle niveaus gehoord blijft worden én dat medezeggenschap zichtbaar blijft bijdragen aan de slagkracht van Defensie. “Het is een eer om op dit niveau onze mensen te mogen vertegenwoordigen. Een sterke krijgsmacht vraagt om betrokkenheid, goede samenwerking en ruimte voor het perspectief van de medewerker. Daar wil ik mij met volle energie voor inzetten.”

Michiel Bussink blijft als lid actief binnen de CMC, waarmee hij ook voldoende tijd kan besteden aan het behouden van zijn registratie als medisch specialist anesthesioloog-intensivist. De CMC is blij dat zijn 8 jaar bestuurlijke CMC-ervaring voor de CMC behouden blijft. Door tevens aan te blijven als voorzitter van de CMC-werkgroep Gezondheid Defensie is bovendien de continuïteit en kennis op het gebied van Defensiebrede gezondheid en gezondheidszorg gewaarborgd.

De CMC spreekt haar grote waardering uit voor de inzet van Michiel in een complexe periode waarin Defensie volop in ontwikkeling is. Onder zijn voorzitterschap heeft de CMC – middels o.a. het tekenen van het convenant tussen de Secretaris-generaal en de CMC – de stevige basis voor centrale medezeggenschap uitgebouwd. Dit met behoud van aandacht voor veiligheid, gezondheid en welzijn van de mensen bij Defensie.

Met de komst van Dorine als voorzitter wordt het Dagelijks Bestuur van de CMC opnieuw samengesteld. Zo zal Richard van Toor de rol van plaatsvervangend voorzitter innemen. Hij vervangt daarmee Timo Ligthart die deze rol ad interim over had genomen van Jeffrey de Freitas, die in oktober afscheid nam van de CMC. Jan van Dam blijft de secretaris. Gerard de Graaff wordt de nieuwe plaatsvervangend secretaris. Hij neemt het stokje over van Johan Bruinsma die als lid bij de CMC betrokken blijft. De CMC bedankt ook hen voor hun jarenlange inzet binnen het dagelijks bestuur van de CMC.

Foto van Dorine Bakker en Michiel Bussink door: Peter Roek – ORnet

15 jaar centrale medezeggenschap bij defensie: een krachtig partnerschap tussen zeggenschap en medezeggenschap

Centrale medezeggenschap bij het ministerie van Defensie bestaat 15 jaar, en dat vierden we op 30 oktober met een lustrumcongres in het Nationaal Militair Museum Soesterberg. Onder leiding van dagvoorzitter CMC-lid Dorine Bakker en in aanwezigheid van Staatssecretaris van Defensie Gijs Tuinman, Generaal Onno Eichelsheim, Commandant der Strijdkrachten, Secretaris-generaal Maarten Schurink, Luitenant-generaal Jan-Willem Maas, Commandant DOSCO, Tessa Huisman – de Kort, directeur Personeelsbeleid en Management, Michiel Bussink, voorzitter van de CMC, en de vele andere bij medezeggenschap betrokken deelnemers werd het een dag vol reflectie, verbinding en inspiratie.

Het lustrumcongres was hét moment waar beleidsmakers, medezeggenschappers en leidinggevenden bijeen kwamen om te leren, inspireren en verbinden. Er werd gekeken naar medezeggenschap binnen de defensieorganisatie onder het thema ‘Medezeggenschap in een veranderende wereld.’ Een zeer belangrijk thema, passend bij de huidige tijd, waarin de nadruk steeds meer ligt op hoofdtaak 1. En dat zag je zeker terug in de waardevolle inbreng en betrokkenheid van alle aanwezigen.

Door de dag heen, tijdens panelgesprekken en de workshops, werd benadrukt hoe belangrijk het is dat zeggenschap en medezeggenschap elkaar écht vinden. Want in een organisatie die sneller moet bewegen, is vertrouwen het anker. Medezeggenschap blijft de spiegel, het klankbord en de gezamenlijke kracht op de werkvloer. Zoals Gijs Tuinman het verwoord: “Juist nu Defensie volop in beweging is, is die professionele medezeggenschap onmisbaar. We kunnen niet zonder die kritische blik en betrokkenheid van onze mensen. In de groei naar een slimme, sterke krijgsmacht helpt het ons scherp te blijven op de inhoud en keuzes te maken die passen bij de toekomst.”

Werkgeluk als motor voor een aantrekkelijke Defensieorganisatie

Lucas Swennen, HappinessBureau, liet in zijn inspirerende keynote ‘Werkgeluk als motor voor een aantrekkelijke Defensieorganisatie’ zien hoe werkgeluk bijdraagt aan duurzame inzetbaarheid, eigenaarschap en wendbaarheid. “Even aandacht hebben voor iets, doet ongelofelijk veel,” aldus Swennen. “Hoe laat je die waardering zien? Door aandacht te geven aan elkaar, goed werk te erkennen, écht te luisteren, feedforward te geven, goede gesprekken te voeren en iedereen zichzelf te laten zijn.” Zijn boodschap: werkgeluk is geen luxe, maar een voorwaarde voor een gezonde en aantrekkelijke organisatie. En medezeggenschap kan daarin een krachtige partner zijn.

Medezeggenschap en hoofdtaak 1

Nu de nadruk steeds meer ligt op hoofdtaak 1, kon dit onderwerp van gesprek zeker niet ontbreken.

Onder leiding van Dorine Bakker gingen CDS Onno Eichelsheim, luitenant-generaal DOSCO Jan-Willem Maas en CMC-voorzitter Michiel Bussink op het podium met elkaar in gesprek over de rol van medezeggenschap binnen de versnelling richting hoofdtaak 1.

Tijdens de dialoog over medezeggenschap en hoofdtaak 1 benadrukte Generaal Eichelsheim dat medezeggenschap een onmisbare factor is binnen een modern Defensie: “De basis is goed, maar we willen het gesprek met de medezeggenschap verder verbeteren. Dat kan alleen door vertrouwen in elkaar te hebben, eerlijk te zijn en muren te doorbreken als dat nodig is.”

Luitenant-generaal Maas riep op tot ambitie en lef, en om successen van medezeggenschap te delen: “Trek die grote broek aan, houd ambitie en blijf pushen. (…) Laten we structureel samen communiceren over onze gedeelde successen, binnen én buiten Defensie.” En CMC-Voorzitter Bussink vulde aan: “Behoud wat goed is, bestendig dat en optimaliseer het.” De gezamenlijke conclusie: medezeggenschap en zeggenschap kunnen alleen succesvol zijn als ze elkaar blijven opzoeken, juist in een organisatie in transitie.

In gesprek over de toekomst van medezeggenschap

In het tweede plenaire gesprek keken Secretaris-generaal Maarten Schurink, Staatssecretaris Gijs Tuinman, Tessa Huisman-de Kort en Michiel Bussink vooruit. Er werd deze dag 15 jaar centrale medezeggenschap gevierd, maar net zo belangrijk is het om na te denken over medezeggenschap in de toekomst. Hoe moeten de komende 15 jaar medezeggenschap bij Defensie eruit zien?

Tuinman benadrukte het belang van leiderschap en luisteren: “De mensen maken het verschil. En dat verschil maken we sámen – bestuurders, commandanten én medezeggenschap.”

Schurink sloot af met een scherpe observatie: “Als commandanten medewerkers niet direct betrekken, kan medezeggenschap dat nooit meer compenseren.”

“We moeten blijven investeren in een professioneel georganiseerde medezeggenschap, op alle lagen van Defensie. Die professionaliteit en gelijkwaardigheid zijn de basis om samen te kunnen schakelen als het echt nodig is.” voegde Huisman-de Kort toe.

Het gesprek tussen Schurink, Tuinman, Huisman – de Kort en Bussink zorgde voor interessante vragen en inzichten vanuit de zaal en op het podium. En de deelnemers waren het over een ding zeker eens: dat professionaliteit, transparantie en vertrouwen de sleutelwoorden blijven voor de komende jaren.

Volop ruimte voor verbinding, ontmoeting en verdieping

Tijdens het lustrumcongres was er volop gelegenheid voor ontmoeting bij de stands van vakbonden, SBI Formaat, ASD en in het museum. Het gesprek over partnerschap, vertrouwen en invloed ging daar tijdens de lunch informeel verder. Daarna werd in workshops dieper ingegaan op drie actuele thema’s: Participatie, Medezeggenschap & hoofdtaak 1, en Beleid. Dat leverde veel praktische inzichten op en liet op verschillende manieren zien wat samenwerking tussen beleid, uitvoering en medezeggenschap cruciaal maakt om tot gedragen besluiten te komen.

Participatiemodel ABN AMRO

Paul Zellenrath en Jeanne van der Linden vertelden hoe hun model collega’s actief betrekt bij adviestrajecten. Het leidde bij ABN AMRO tot meer betrokkenheid en diversiteit in de medezeggenschap.

Medezeggenschap & hoofdtaak 1

Jeffrey de Freitas en Dirk-Jan Goedee verkenden hoe snelheid en zorgvuldigheid hand in hand kunnen gaan in besluitvorming.

Samen beleid maken met het Beleidsatelier

Elianne Koch, David-Paul Boender, Melanie van Schaik en Alana Hofstede lieten deelnemers ervaren hoe beleid wordt ontwikkeld en hoe medezeggenschap daar vroegtijdig invloed op kan uitoefenen.

Medezeggenschap als essentieel onderdeel van een goed functionerende krijgsmacht

De viering van 15 jaar centrale medezeggenschap was een mooie gelegenheid om met zeggenschap en medezeggenschap samen stil te staan bij het belang van medezeggenschap bij Defensie. Een goed functionerende krijgsmacht valt of staat met betrokkenheid en vertegenwoordiging van medewerkers. Dagvoorzitter Dorine Bakker: “Medezeggenschap is geen formele bijzaak, maar een essentieel onderdeel van goed bestuur.”

Dank aan Staatssecretaris Gijs Tuinman, Secretaris-generaal Maarten Schurink, Generaal Onno Eichelsheim, Commandant der Strijdkrachten, Luitenant-generaal Jan-Willem Maas, Commandant DOSCO en Tessa Huisman-de Kort, Directeur Personeelsbeleid en Management, voor hun openheid, reflectie en betrokkenheid. Hun gezamenlijke boodschap was helder: “De vorm moet de functie volgen: minder papier, meer oplossingen – en medezeggenschap hoort daar vanzelfsprekend bij.”

Jeffrey de Freitas neemt afscheid van de CMC

Dinsdag 14 oktober nam vicevoorzitter Jeffrey de Freitas tijdens de overlegvergadering afscheid van de Centrale Medezeggenschapscommissie (CMC). Daarmee sluit hij een periode af waarin hij het Commando Zeestrijdkrachten (CZSK) vertegenwoordigde en uitgroeide tot een inhoudelijk sterke en verbindende kracht binnen de commissie.

Tijdens de vergadering stond Secretaris-Generaal Maarten Schurink stil bij Jeffrey’s jarenlange inzet voor de medezeggenschap en zijn kenmerkende manier van werken: zorgvuldig, analytisch en altijd gericht op samenwerking.

“Jeffrey, jij staat bekend als iemand die mensen weet te verbinden en complexe vraagstukken weet terug te brengen tot de essentie. Je zoekt liever naar gezamenlijke oplossingen dan naar procedures, maar zorgt er vervolgens wel voor dat dingen zorgvuldig en volgens de regels verlopen,” aldus Schurink.

Jeffrey begon zijn loopbaan bij Defensie in 2002, direct na zijn officiersopleiding aan het Koninklijk Instituut voor de Marine in Den Helder. Na verschillende functies binnen de Koninklijke Marine combineerde hij zijn operationele ervaring met een groeiende interesse voor medezeggenschap. Wat begon als interesse in hoe besluitvorming binnen Defensie tot stand komt, groeide uit tot de overtuiging dat medezeggenschap juist een drijvende kracht achter goed beleid kan zijn.

“Het vermogen om knelpunten in beleid te herkennen en bespreekbaar te maken is de toegevoegde waarde van medezeggenschap,” zei Jeffrey daar eerder over. “Ik zie medezeggenschap als partner in compliance. Samen werken aan integrale oplossingen en cultuurverandering.”

Schurink vervolgde: “Jeffrey heeft zich de afgelopen jaren onderscheiden door zijn scherpe blik en verbindende houding. Hij brengt rust, structuur en analytische diepgang in elk gesprek. Hij kijkt verder dan het hier en nu, stelt vragen die ertoe doen en weet mensen bij elkaar te brengen, juist ook als belangen botsen. Daarmee heeft hij de medezeggenschap binnen Defensie versterkt en verder geprofessionaliseerd. Daarvoor wil ik hem van harte bedanken.”

Jeffrey blijft binnen Defensie actief in een andere rol bij de Hoofddirectie personeel.

Maak kennis met CMC-lid Ed Onink

“Ga in gesprek met elkaar.”

Open, eerlijk en praktisch: zo typeert Ed Onink zichzelf én de manier waarop hij naar medezeggenschap kijkt. “Geef elkaar vertrouwen, leg uit waarom je iets wilt en praat met elkaar. Dan kom je verder dan met mailen over en weer.” Sinds 1 september is Ed vrijgesteld voor de medezeggenschap: hij is plaatsvervangend voorzitter van de DMC (AMC) en lid van de CMC. Zijn drijfveer: onrecht aankaarten en samenwerken aan betere besluiten voor de defensieorganisatie en haar mensen.

Ed begon in 1987 bij de Landmacht als dienstplichtige, maar vond al snel zijn plek bij de Luchtmacht. Daar werkte hij eerst bij de lichte vliegtuigen en helikopters en groeide hij door tot crew chief, een functie waarin hij meevloog op bijzondere missies, zoals vluchten voor het Koninklijk Huis en uitzendingen naar Irak en Cambodja. Later stapte hij over naar de C-130 Hercules, waar hij begon als monteur en instructeur en inmiddels al ruim tien jaar werkt als flight engineer. “Het is een super mooie baan. Ik heb de tijd van mijn leven,” vertelt Ed. “Als jochie stond ik al bij het hek van Vliegveld Valkenburg. Zonder er bewust op te sturen, ben ik toch in de cockpit beland.

“Het is een super mooie baan. Ik heb de tijd van mijn leven.”

Medezeggenschap als verbinder

Twintig jaar geleden schoof Ed voor het eerst aan in een overlegorgaan van de medezeggenschap, niet omdat het moest, maar omdat hij vond dat het beter kon. Wat hem drijft, is samenwerking: zorgen dat alle betrokkenen elkaar begrijpen, en samenwerking aan de voorkant van beleid. Samen met HR en de commandant organiseerde hij vaste overlegmomenten, waarbij alles met elkaar besproken kan worden. “Niet om op schoot bij de commandant te zitten, maar om te begrijpen wat er achter een voorstel zit en samen tot betere besluiten te komen.”

Niet altijd polderen

Polderen is niet heilig, vindt Ed. “Poldercompromissen worden vaak draken van constructies. Soms moet je gewoon eerlijk zijn over de punten die je wilt maken. Soms wint de één, soms de ander, maar maak het besluit wél logisch en uitvoerbaar.

Medezeggenschap draait om mensen en samenwerking. We zitten hier niet voor onszelf.

Wees duidelijk, luister goed en gun elkaar ook iets. Medezeggenschap draait om mensen en samenwerking. We zitten hier niet voor onszelf. Als je ergens iets van vindt, help dan ook mee om het te verbeteren. Spreek uit wat je nodig hebt, plan het gesprek en geef elkaar het voordeel van de twijfel.”

Medezeggenschap loont

Ed is ervan overtuigd dat medezeggenschap niet alleen goed is voor de organisatie, maar ook voor je eigen ontwikkeling. “Je leert kijken naar de organisatie als geheel, vanuit een breder perspectief. Je leert luisteren, je leert je beter verwoorden en je bouwt een groot netwerk op dat je verder helpt in je carrière. Dat geeft je ook de kans om door te groeien. Je hoeft het niet te doen, maar kom erbij en kijk wat medezeggenschap je kan brengen.”

Contact met Ed of heb je een vraag aan de CMC? Mail via cmc@mindef.nl

Gert-Jan Rozeboom neemt afscheid van de CMC

Woensdag 10 september was de laatste overlegvergadering van Gert-Jan Rozeboom. Een mooi moment om stil te staan bij zijn naderende afscheid op 3 november 2025. Dan is het precies 45 jaar geleden dat Gert-Jan zijn loopbaan bij Defensie begon.

Daarmee komt een einde aan zijn jarenlange betrokkenheid bij de medezeggenschap binnen Defensie, waarin hij op verschillende manieren van betekenis is geweest voor collega’s en voor de organisatie als geheel. Tijdens de overlegvergadering kreeg Gert-Jan een warm dankwoord van Secretaris Generaal Maarten Schurink én een passend afscheidscadeau: het boek De Verbindingen van Philip Snijder. Een symbolisch geschenk, want ‘verbinden’ is precies wat Gert-Jan typeert.

Verbindend en betrokken

Gert-Jan begon zijn loopbaan bij de Koninklijke Marechaussee en werkte later bij de Verbindingsdienst van de landmacht. Gedurende zijn hele carrière zette hij zich actief in voor de medezeggenschap en het welzijn van collega’s. Zo was hij jarenlang lid en voorzitter van diverse medezeggenschapscommissies, vertrouwenspersoon, instructeur en schooladjudant. Binnen de CMC vertegenwoordigde hij de Bestuursstaf.

Schurink: “Ik wil jou heel erg bedanken voor jouw jarenlange inzet en betrokkenheid bij de medezeggenschap. Jij bent iemand die scherp kan zijn, het hart op de tong heeft, en altijd constructief is. Je zoekt altijd naar waar de oplossing zit. Die constructieve houding kwam onder andere tot uiting in dossiers als vastgoed, legering en personele belangen. Je hebt je niet alleen aan die onderwerpen verbonden, maar vooral ook aan de mensen die daaraan werken. Je probeert altijd hun belang mee te nemen en je echt met hen te verbinden. Daarmee ben je een voorbeeld van hoe medezeggenschapsleden hun werk kunnen doen. Zeer veel dank daarvoor!”

CMC viert 15 jarig lustrum

De Centrale Medezeggenschapscommissie Defensie (CMC) viert op donderdag 30 oktober haar 15-jarig bestaan met een lustrumcongres in het Nationaal Militair Museum in Soest.

Onder leiding van dagvoorzitter CMC-lid Dorine Bakker en in aanwezigheid van Staatssecretaris van Defensie Gijs Tuinman, Generaal Onno Eichelsheim, Commandant der Strijdkrachten, Secretaris-generaal Maarten Schurink, Tessa Huisman – de Kort, directeur Personeelsbeleid en Management, en CMC Voorzitter Michiel Bussink brengen we beleidsmakers, medezeggenschappers en leidinggevenden samen om te leren, inspireren en verbinden.

Medezeggenschap in een veranderende wereld

Aan de hand van het thema: “Medezeggenschap in een veranderende wereld” blikken we terug op de afgelopen 15 jaar en kijken we vooruit. Hoe geef je medezeggenschap vorm in een moderne krijgsmacht? Welke rol speelt zij in relatie tot hoofdtaak 1? Hoe creëer je draagvlak en betrokkenheid voor medezeggenschap bij medewerkers? En hoe organiseer je een optimale samenwerking tussen leiderschap en medezeggenschapsorgaan op de diverse niveaus in de toekomst?

Al meer dan 15 jaar medezeggenschap bij Defensie

Al meer dan vijftien jaar zet de CMC zich Defensiebreed in als gesprekspartner en belangenbehartiger van medewerkers én organisatie. Medezeggenschap is binnen Defensie van grote waarde: een sterke krijgsmacht vraagt om betrokkenheid, inspraak en een constructieve dialoog. Zeker nu!

We leven in een wereld die snel verandert en Defensie beweegt daarin mee. In de transitie naar een slimme, sterke krijgsmacht en een soepele organisatie, die klaar is voor hoofdtaak 1, is professionele medezeggenschap belangrijker dan ooit. Als wettelijke – en bovenal nátuurlijke – volwaardige gesprekspartner draagt de medezeggenschap bij aan de missie van Defensie – scherp op de inhoud, verbindend in de samenwerking – beschermen wat ons dierbaar is.

Praktische informatie

Het CMC Lustrum event is op uitnodiging. Stuur voor vragen of opmerkingen een e-mail aan cmc@mindef.nl.

Datum en locatie
Donderdag 30 oktober
Het Nationaal Militair Museum
Verlengde Paltzerweg 1, Soest